Maandelijks archief: mei 2017

Column – Het lef hebben een zondaar te zijn

In de column van collega Jean Jacques Suurmond in dagblad Trouw van dinsdag 25 april kwam ik een verrassend citaat van Maarten Luther (1483 – 1546) tegen. Aan zijn altijd wat wankelmoedige vriend Melanchton schreef hij ooit : ‘Heb het lef om een zondaar te zijn’. Dat was geen aansporing om eens flink de beest uit te hangen, maar om de moed te hebben eigen fouten onder ogen te zien en toe te geven. Wie dat  doet, levert zich uit aan de welwillendheid van anderen. Dat is één van de redenen waarom het zo moeilijk is, want van die welwillendheid ben je van te voren nooit zeker. Luther heeft dan ook een hele weg afgelegd voor hij dit schrijven kon.

 

Al was Luther de initiator van de kerkhervorming en stond hij mee aan de basis van het moderne Europa, hij was ook voluit een Middeleeuwer die de angsten en onzekerheden van zijn tijdgenoten deelde. In Luthers dagen was het leven kort en van alle kanten bedreigd. Geregeld waren er pestepidemieën, in het Zuid – Oosten rukten de Turken op, en intern werd Europa verscheurd door oorlogen en conflicten. De dood loerde overal. Velen werden niet ouder dan 30 of 40 en de kindersterfte was hoog. Na de dood, zo predikte de kerk, wachtte het vagevuur, een onaangename plek waar je al naar gelang de ernst van je in het leven begane misstappen kortere of langere tijd moest doorbrengen om die zonden te boeten aleer je misschien uiteindelijk de eeuwige gelukzaligheid zou mogen betreden. Als mens van zijn tijd leefde ook Luther met dit dreigend perspectief. Dus deed hij zijn uiterste best zo goed mogelijk te leven. In de hoop dat God hem dan goed genoeg zou vinden en na zijn dood zou vrijspreken. Maar wat hij ook probeerde, de onzekerheid bleef knagen: was het echt wel goed genoeg? Je hoeft niet in vagevuur of hel, en zelfs niet in God te geloven, om daar toch wat van te herkennen. Zo kun je zelf de lat zo hoog leggen dat je altijd tekort schiet. Dertigers van nu blijken van mijn generatie die hen heeft opgevoed vaak het beeld te hebben meegekregen dat, als ze willen, alles mogelijk is. De praktijk is natuurlijk anders. Geen wonder dat ze nog al eens het  gevoel hebben gefaald te hebben. Met zulke torenhoge verwachtingen kun je niet anders dan je zelf tegenvallen. Dat is een verhaal waarin God niet voorkomt. Toch lijken de problemen waar zij tegenaan lopen als twee druppels water op het probleem van Luther. Je doet het nooit goed genoeg. Tegelijk probeer je naar buiten op LinkedIn en Facebook de schijn ophouden dat je het heel goed doet. Daar word je niet gelukkig van. Ook Luther werd van dat streven naar perfectie doodongelukkig.

Het was door de bestudering van de brief van Paulus aan de Romeinen dat Luther uit deze impasse kwam. In Romeinen 1 : 17 schrijft Paulus: ‘Het evangelie van Christus is een kracht van God tot behoud, want daarin treedt zijn gerechtigheid aan het licht; wie daarop zijn vertrouwen stelt, kan het leven aan’. Woorden waarop hij al vele malen zijn tanden had stukgebeten. ‘Gerechtigheid’ interpreteerde hij namelijk vanuit zijn eigen Middeleeuwse taal – en gedachtewereld zo, dat God ieder het zijne geeft en daarbij geen enkel tekort door de vingers ziet. Hij haatte daarom dit woord van Paulus en begreep niet hoe Gods straffende gerechtigheid ooit bron van leven en vreugde kon zijn. Dankzij grondige studie van het Hebreeuws ontdekte hij dat ‘gerechtigheid’ in de Bijbel heel wat anders betekent. Het heeft niet met veroordelen maar met bevrijden te maken. Mens worden doe je met vallen en opstaan. Dat je daarbij fouten maakt leidt er  niet toe dat God zijn neus voor ons ophaalt. Integendeel: in zijn gerechtigheid schenkt hij ons het vertrouwen een nieuw begin te maken. Geloven is niet het aannemen van een aantal al dan niet bovennatuurlijke waarheden, het is leven vanuit dit vertrouwen. Je krijgt dan het lef wat fout ging fout noemen zonder daarbij jezelf en anderen af te schrijven. Met de woorden van Luther : Je krijgt het lef een zondaar te zijn. En hij voegde eraan toe: ‘maar vooral ook om vrolijk te zijn in Christus’. Je zou ook kunnen zeggen: je krijgt de kans een Paasmens te zijn. Je fouten onder ogen te zien is dan de eerste opstap naar een nieuw begin.. Ds. Adri Terlouw