Categoriearchief: Geen categorie

Column – Ontregeld

Maandag 29 april overleed, 80 jaar oud, de Australische dichter Leslie Allan Les Murray. De meesten van u zal die naam niets zeggen, maar in Australië is hij de bekendste dichter van het land. Zijn gedicht ‘Een doodgewone regenboog’ is er al jarenlang verplichte leesstof op de middelbare school. Murray groeide op in New South Wales in de verlatenheid van het Australische platteland en bleef zich zijn leven lang als een boerenpummel beschouwen. Hij wordt wel de meester van de ontregeling genoemd. De taal die hij in zijn gedichten bezigt is zelden ingewikkeld, meestal nuchter vertellend. Maar met een onderstroom van ingehouden en ontregelende emotie.

Neem bijvoorbeeld het genoemde gedicht ‘Een doodgewone regenboog’. Het beschrijft hoe heel Sydney in de war raakt van een vent die staat te janken op Martin Place. Beurshandelaren onderbreken hun handel of vliegen uit de dure club waar ze zitten te lunchen de straat op en het verkeer komt tot stilstand. Allemaal om die vent te zien die staat te janken op Martin Place. Niemand kan hem stoppen.
‘De man om wie we heen staan, de man die niemand nadert 
huilt eenvoudig, en verbergt het niet, huilt 
niet als een kind, niet als de wind, als een man 
en zonder vertoon, zich niet op de borst slaand, zelfs niet
luid snikkend – toch houdt de waardigheid van zijn huilen
ons op afstand van zijn plek, de leegte die hij om zich schept
in het licht van de middag, in zijn pentagram van verdriet,
en uniformen achter in de menigte die hem trachtten te grijpen
staren naar hem en voelen, met verbazing, hun geest
verlangen naar tranen als kinderen naar een regenboog.
Sommigen zullen in de komende jaren zeggen dat een aura
van kracht rond hem hing. Er is niet zoiets.
Sommigen zullen zeggen dat ze geschokt waren en hem wilden laten ophouden
maar die zullen er niet geweest zijn. De stoerste mannelijkheid,
de taaiste weerstand, de gladste geest onder ons
trilt van stilte, en brandt van onverwachte
besluiten van vrede……………………….

Er hangt iets geheimzinnigs rondom die man die zijn tranen de vrije loop laat. ‘Een pentagram van verdriet’ noemt Les Murray het. Het pentagram is een geliefd beeld in zijn gedichten. Een sleutelbeeld noemt hij het zelf. Een pentagram is een vijfpuntige ster. Midden in die ster zie je een regelmatige vijfhoek. Als je de punten van die vijfhoek zo met elkaar verbindt dat je telkens een hoek overslaat ontstaat midden in die vijfhoek een nieuw pentagram. Een operatie die je eindeloos kunt herhalen. Zo is het pentagram de verbeelding van een oneindig verschiet. Het ontregelende beeld van een man die midden op straat staat te janken dat Les Murray schetst  wekt in de omstanders en de lezer een even ontregelend verlangen naar tranen. Te vergelijken met het verlangen van kinderen naar een regenboog, die hen helemaal buiten zichzelf brengen kan. Zo mooi, zo vreemd. Waarom die huilende man ons zo ontregelt en waarom hij zelfs bij de inmiddels toegesnelde politie – agenten het verlangen wekt ook te gaan huilen, en waarom het goed zou zijn aan dit verlangen toe te geven, laat de dichter in het midden. Het laat zich alleen maar vermoeden. Het is allemaal meer intuïtief dan rationeel. Wel is duidelijk dat het tot besluiten van vrede leidt. Er is in de wereld van alles waarom wij zouden kunnen huilen: onrecht, oorlog, het uitsterven van talloze planten – en diersoorten. En hoe goed zou het zijn als wij daar eens aan toe zouden geven, en ons zouden laten ontregelen in plaats van het op een veilige afstand te houden.

Poëzie en religie gaan voor Les Murray over hetzelfde. Over de horizon, over wat ons ontregelt. In een ander gedicht noemt Hij God dan ook
de in elke religie opgevangen poëzie
opgevangen – niet gevangen – als in een spiegel
………..een wet tegen afbakeningen.

Ds. Adri Terlouw 
Reageren op deze column?: terlouwadri@gmail.com

21 maart thema-avond: Rebible, herontdek de Bijbel

In de tweede helft van de vorige eeuw rukten veel Nederlanders zich los van een knellend godsdienstig verband. Geloof verdween en seculier werd de norm. Inmiddels begint het tij te keren. Op zoek naar zingeving ontwaakt ook weer interesse voor de christelijke erfenis, en binnen de kerken groeit het besef dat agnosten en atheïsten kerkmensen vragen stellen die je serieus moet nemen. Dat samen schept een vruchtbaar klimaat voor een open eerste of hernieuwde kennismaking met de Bijbel. Daarom organiseren we samen met de Cursus Theologische Vorming  Leeuwarden op 21 maart a.s. een avond met Rik Zweers. Hij is 28 jaar en geboren en getogen in Franeker. Op dit moment studeert hij Godsdienst en Pastoraat aan de Hogeschool Windesheim in Zwolle. Eind vorig jaar werd hij gekozen als  eerste jonge theoloog des vaderlands.  Hij zal ons laten zien waarom de christelijke verhalen en gebruiken wel degelijk iets te zeggen hebben over de wereld van nu. 

Aansluitend kun je op 28 maart en  4 april met onze predikanten Hinke Post – Knol en Adri Terlouw, beide docent aan de cursus Theologische Vorming , de kennismaking met de theologie voortzetten. Smaakt dat naar meer? In september begint een nieuw cursusjaar.

Plaats: Ceciliakerk, Lekkum.
Tijd : 20.00 – 21.45 uur.
Kosten: € 5,00 per avond
Het is fijn als u zich van te voren aanmeldt, al is dat niet verplicht. Dit kan via: terlouwadri@gmail.com
. U kunt dan ook gelijk bij opgave betalen door het verschuldigde bedrag over te maken op NL 45 INGB 0001 0063 61, t.n.v. Cursus Theologische Vorming Leeuwarden ovv de gekozen data.

Voedselbank – actie van de diaconie (30 en 31 maart)

De Voedselbank Leeuwarden levert noodhulp aan huishoudens die op of onder het sociaal minimum leven door het uitgeven van voedselpakketten.

De diaconie van Kerk Lekkum wil in de aanloop naar Pasen in actie komen voor de Voedselbank. We willen de inwoners van Lekkum, Miedum en Snakkerburen vragen om ook mee te doen.

Wilt u de komende tijd, naast uw eigen boodschappen ook een paar boodschappen doen voor de Voedselbank?

Denk daarbij met name aan houdbare levensmiddelen die over het algemeen vaak gebruikt worden:

  • koffie en thee, suiker ;
  • bloem, (zonnebloem)olie, koekjes;
  • pasta, rijst, pasta-saus en kruidenmix;
  • houdbare melkproducten;
  • limonade, vruchtensap.

Zaterdag 30 maart tussen 16.00-17.30 uur en zondag 31 maart tussen 10.00-11.00 uur is de kerk open om uw boodschappen in te leveren.

De diaconie zorgt ervoor dat alles wat ingeleverd wordt bij de Voedselbank terechtkomt.

Alvast bedankt, We hopen op een mooi resultaat!

Paaskoor – doe mee! Eerste repetitie zondag 17 maart

Van 14 tot en met 21 april is het de Goede Week, met daarin Witte Donderdag, Goede Vrijdag, de Paasnacht en Paasmorgen. Deze vier dagen zijn het hart van het kerkelijk jaar. Vandaar dat er al deze dagen een viering is. Op Witte Donderdag en Goede Vrijdag korte vieringen, in de Paasnacht en op Paasmorgen wat langere. We vieren dit jaar de Stille Week weer samen met de Oud- Katholieke Statie Friesland die elke eerste zaterdag van de maand ook haar diensten houdt in onze kerk. Op Witte Donderdag, Goede Vrijdag en Paasmorgen gaat één van onze eigen predikanten voor, in de paasnacht wordt de dienst geleid door één van hen en pastoor Annemieke Duurkoop, van 2003 – 2010 pastoor van de Oud- Katholieke Statie Friesland.
Het is inmiddels traditie dat we met mensen uit het hele dorp, zowel van binnen als van buiten onze gemeente, een Paaskoor vormen dat in alle vieringen een aantal liederen zingt. Iedereen die van zingen houdt kan meedoen. Als u dat wat lijkt, komt dan naar onze eerste repetitie op zondag 17 maart om 12.15 uur, of meldt u aan via jinkelyklema@gmail.com. Naast 17 maart zijn er ook repetities op 24 en 31 maart en 7 en 14 april. Zowel mensen die in de Stille Week één als meerdere of alle diensten willen meezingen zijn welkom. d

Column – vragen zonder antwoord

Meister Eckhart ( 1260-1328)

De dichter D. H. Lawrence (1865 – 1930) vertelt ergens dat hij eens met een kind door de tuin wandelde en dit kind hem vroeg: ‘Waarom zijn de bomen groen?’ Hij legde uit hoe planten zonlicht opvangen en dat vervolgens omzetten in bladgroen. Maar het kind was met dat antwoord niet tevreden, Het herhaalde zijn vraag. Waarop Lawrence na lang nadenken antwoordde: De bomen zijn groen, omdat ze groen zijn’. Tot zijn verbazing was het kind met dat antwoord wel tevreden. ‘Grote mensen maken het altijd zo ingewikkeld’, zei het, ‘jij zegt gewoon: De bomen zijn groen, omdat ze groen zijn’.

Ik vind dit daarom zo’n mooi verhaal, omdat het laat zien wat een geheim is in plaats van het geheim weg te verklaren. Waarom een boom groen is, kun je met biochemische theorieën verklaren, maar het kind vindt dat helemaal geen antwoord. Dat is verbaasd over het wonder en het geheim van de dingen, waarvoor uiteindelijk geen verklaring bestaat. Dus is het tevreden, als de dichter zegt : bomen zijn groen, omdat ze groen zijn. Een antwoord dat volgens de logica van het verstand geen antwoord is – maar voor de logica van het hart het enige juiste.
Het kind en de dichter maken ons bewust van het feit, dat de wereld een geheim is, dat we ondanks al onze theorieën uiteindelijk niet begrijpen. Waarom al die schoonheid en waarom al die verschrikkingen? Waarom ik, waarom jij? Waarom ben ik hier geboren en niet bijvoorbeeld in Afrika? En waarom in deze tijd en niet in de 18e eeuw? Waarom zo en niet anders? Ondanks alle verklaringen waarmee wij grip op de dingen proberen te krijgen, blijven dat vragen waarop geen antwoord is.

Antwoorden komen en gaan. De vragen blijven. Er zijn geen eeuwige antwoorden, wel eeuwige vragen. Wie lang genoeg doorvraagt, komt tot de conclusie; de dingen zijn zoals ze zijn. Waarom weten we niet. De laatste vragen naar het waarom van mijn leven en het waarom van mijn lot blijven onbeantwoord, omdat ze niet te beantwoorden zijn. De Middeleeuwse mysticus Meester Eckhart (1260 – 1328) heeft eens gezegd: “Als je het leven zou kunnen vragen: ‘Waarom ben ik er?’ Dan zou het – als het antwoord kon geven – antwoorden: ‘Je bent er omdat je er bent.’ Het leven komt voort uit zichzelf, welt op uit zichzelf. Daarom is er geen waarom.”

Met dit ‘er is geen waarom? ‘ doorbreekt meester Eckhart het vraag – en antwoordspel, en schept hij ruimte voor het onbeantwoordbare. Hij breekt de vraag niet af. Hij laat hem open. Uit respect voor het leven dat dieper gaat dan wij kunnen begrijpen. Dit respect voor het geheim is kenmerkend voor het religieuze perspectief. Het geloof geeft geen antwoord op alle vragen, zoals ten onrechte wel eens gedacht wordt. Het leert juist vragen waarop geen antwoord is open te laten en in vertrouwen uit te houden. Daar is een zekere moed voor nodig. Antwoorden en verklaringen voldoen misschien voor een tijdje, maar uiteindelijk bevredigen ze niet. En zo blijven de vragen open. Het leven blijft een mysterie. Het is niet aan ons het leven te begrijpen, maar alleen om het zo goed mogelijk te leven.

Ds. Adri Terlouw
Reageren op deze column?: terlouwadri@gmail.com

ZONDAG 10 FEBRUARI : FILM ‘ANOTHER YEAR ‘VAN MIKE LEIGH


VPRO – cinema : *; Parool: ****; Film Totaal: *****.

Een gelukkig getrouwd stel van middelbare leeftijd dat altijd klaar staat voor hun minder gefortuneerde vrienden, dat kan nooit een dramatisch interessante film opleveren. Toch? Regisseur Leigh bewijst het overdonderende tegendeel met Another Year: een intiem en levensecht verhaal over mededogen, verspreid over vier seizoenen, dat ontroert in zijn prachtige alledaagsheid. Na afloop is er gelegenheid bij een hapje en een drankje met elkaar na te praten over de film.
De voorstelling begint om 20.00 uur.

ZONDAG 27 JANUARI : 17.00 UUR VESPERVIERING

Een vesper is een bijna geheel gezongen vesperdienst volgens de eeuwenoude traditie van de kloosters. Een koor zingt een aantal Psalmen, een hymne en de lofzang van Maria, en er zijn één of twee lezingen.  Het is een ingetogen, meditatieve viering waarin zang en muziek centraal staan.
Het koor repeteert op zaterdag 19 en zaterdag 26 januari van 10.30 – 12.00 uur. U bent van harte welkom om mee te doen. Gewoon naar de vesper komen om te luisteren en de muziek en de lezingen op je in laten werken kan ook.

Column – Wat ons verbindt

Eén van de kenmerken van onze tijd is dat wij graag luidkeels onze rechten en ons gelijk claimen. Twitter leeft er zo ongeveer van. Nu is er niets mis mee om voor je rechten op te komen, maar vervolgens zullen we ons toch op een of andere manier weer met elkaar moeten verbinden. Ook Macron en de gele hesjes zullen er op een gegeven moment weer samen uit moeten komen. Mensen die onrecht ervaren en degenen die daarvoor verantwoordelijk zijn zullen ooit  ergens ook weer bij elkaar moeten komen.

Over deze verbinding gaat één van de bekendste gelijkenissen van Jezus: die van de verloren zoon. Jezus vertelt hem nadat Schriftgeleerden hem hebben gevraagd waarom hij zo vaak met slechte mensen omgaat. Hij antwoordt met drie verhalen. Het eerste gaat over een herder en een verloren schaap, het tweede over een vrouw die van een ketting met tien muntjes er één verliest. Beide vinden terug wat ze kwijt waren. Dan volgt de gelijkenis van de verloren zoon. Een vader heeft twee zonen. De jongste van de twee eist, terwijl zijn vader nog in leven is, al zijn deel van de erfenis op. Een ongelofelijke schoffering, want wie in het Palestina van de eerste eeuw zijn vader nog bij leven om zijn deel van de erfenis vraagt, verklaart hem daarmee in feite dood. Vervolgens slaat hij met een klap de deur dicht, verbreekt alle communicatie en reist af naar een ver land. Daar jaagt hij er in no time de hele erfenis door. Hij raakt finaal aan de grond. Tot overmaat van ramp breekt in dat verre land ook nog eens een hongersnood uit. Als hem dan zelfs de schillen die aan de varkens worden gevoerd niet gegund worden, besluit hij terug te keren naar de boerderij van zijn vader en oudere broer. Hij wil zich aan de voeten van zijn vader werpen met de woorden: ‘Behandel mij voortaan als één van uw knechten’. Het blijkt niet nodig. Als de vader de jongen in de verte ziet, snelt hij hem tegemoet en valt hem om de hals. Hij roept een knecht om zijn mooiste jas voor zijn zoon te halen, schoenen en een ring. Die ring geeft aan: jij bent een erfgenaam, kind van mij, zoon van dit huis. In een statusgevoelige samenleving als toen een uiterst belangrijke geste. Zo wordt deze jongen weer iemand. Vervolgens wordt de oudste zoon boos over dit uitbundige onthaal. ‘Voor die zoon van u die zijn geld bij de hoeren gebracht heeft, gaat u het gemeste kalf slachten! Terwijl ik altijd gedaan heb wat u van mij vroeg. Maar ik heb nooit een keer feest kunnen vieren met mijn vrienden!

Die oudste zoon is de moreel hoogstaande. Moreel gesproken heeft hij met zijn opmerking volslagen gelijk. Maar wat we hier zien is, dat moreel hoogstaand gedrag het risico in zich bergt dat je een tweedeling maakt tussen ieder die het in moreel opzicht met jouw eens is en ieder die er andere morele opvattingen op na houdt. De Canadese filosoof Charles Taylor vertelt ergens dat het een Boeddhistische vriend van hem die een reis door Europa gemaakt had was opgevallen, dat er juist bij idealistische mensen zoveel bitterheid was, omdat het ze niet lukte voldoende anderen voor hun idealen te winnen. Als je je vastklampt aan een hoog ideaal en bijvoorbeeld opkomt voor het klimaat, dan zie je onmiddellijk overal tegenstanders. En wat ga je met die tegenstanders doen? Moreel hoogstaand gedrag kijkt vaak niet verder dan het aanwijzen van het kwaad en het straffen daarvan. Maar daarna? Het is bij die zwakke plek in alle vormen van idealisme en strijd voor een betere eerlijker wereld dat Jezus de vinger legt.
In ‘Eindelijk thuis’, de wereldwijde bestseller van de Nederlands – Amerikaanse priester Henri Nouwen (1932 – 1996) schrijft Nouwen: ‘Vanuit mijn eigen leven weet ik hoe ijverig ik heb gepoogd om goed te zijn, om aanvaard en bemind te worden, om een waardig voorbeeld voor anderen te zijn’. Hij werd er ernstig van en zwaar op de hand. ‘Wanneer ik aandachtig luister naar de woorden waarmee de oudste zoon zijn vader aanvalt – woorden vol eigendunk, zelfmedelijden en jaloezie – hoor ik een klacht die voortkomt uit het gevoel : ik heb nooit ontvangen wat ik verdiende’. En dat slaat natuurlijk nergens op. Dat is een mistekening van de werkelijkheid. Voor Nouwen werd deze gelijkenis een spiegel die hem van zijn hoogmoedige veroordelende houding, waar uiteindelijk een vraag om erkenning achter schuil ging, bevrijdde. Ook die jongste zoon die in de vreemde zo kwistig met geld strooit, zoekt daarmee natuurlijk erkenning. Daarin lijken ze op elkaar. Ondanks alle verschillen.

Belangrijk in de gelijkenis is dat de vader zowel tegenover de jongste als tegenover zijn oudste zoon zijn liefde uitspreekt. Zonder die vader is de kloof tussen beide, tussen hedonisme en oppervlakkigheid aan de ene kant en plichtsgetrouwheid en moreel gelijk aan de andere kant, onoverbrugbaar. Met de vaderfiguur voegt Jezus daar een nieuw perspectief aan toe: Ondanks dat verschil wil hij toch beide bij zich hebben. Het is die verbinding die hij in zijn omgang met mensen die de fout zijn in gegaan gestalte geeft. De Joodse filosofe Hannah Arendt noemde dat ooit: de grote uitvinding van Jezus. Ds. Adri Terlouw
Afbeelding: Rembrandt ets: De terugkeer van de verloren zoon, 1636. Reageren op deze column?: terlouwadri@gmail.com


Column – Geboorte


Afbeelding : Emil Nolde (1867 – 1956),Weihnachten

Hij kwam wel hoogst ongelegen die geboorte uit het kerstverhaal. Onderweg, ver van huis, in een stal. Maar het leven stoort zich daar niet aan en een geboorte laat zich daardoor niet ophouden. Leven wil leven, ongeacht de omstandigheden. En dus blijven er kinderen geboren worden. Ook als ons dat niet past. Ook op plekken die wij daar verre van geschikt voor vinden: Onderweg. Op de vlucht. In kampen. Leven wil leven. En mensen blijven van een toekomst dromen. Ook tegen de klippen op. Dus zullen ze voorlopig blijven komen: die jonge mensen uit Afrika. Wat voor maatregelen we ook tegen nemen en of het ons nu uitkomt of niet.

Die ongelegen geboorte – dat niet te stuiten feit dat het leven zijn eigen gang gaat en leven wil – doet in het kerstverhaal alles kantelen. Tot die geboorte lijkt het of Jozef en Maria er volstrekt niet toe doen. Er gaat een gebod uit van keizer Augustus en allen gaan op reis. Ook Jozef en Maria hebben maar te gaan. Dat ze nog uit het huis en het geslacht van koning David stammen – het maakt niet uit.

Dat Maria hoogzwanger is – het doet er niet toe. Daar houdt de keizer geen rekening mee. Wat dat betreft is de wereld nog niet zo veel veranderd. Als er een oorlog woedt, als er grote economische en politieke belangen op het spel staan – ach, wat doen dan het leven en het geluk van een gewoon mens er toe. En al gauw gaan je dan ook zelf denken: Ach, wat doe ik er eigenlijk toe! Wat maakt het uit dat ik er ben! Jozef en Maria – ze doen er niet toe.

Over hen wordtbeslist.

Tot op het moment dat het uur aanbreekt dat Maria haar eerstgeboren kind ter wereld brengt. Dan schakelt het leven hen in en doen zij er opeens wel toe. Dan moet er een wieg komen, en Jozef maakt de kribbe gereed. Hun kind moet worden aangekleed en gevoed, en Maria wikkelt hem in doeken, geeft hem de borst, en wiegt hem in slaap. Al die oer-gebaren van de mensheid waarvan onze kerstliederen zingen. Van passief worden zij actief. Van machteloos verantwoordelijk. En zodra de herders van deze geboorte in hun stal gehoord hebben, komen ook zij in beweging. En dat allemaal door die geboorte. Van lijdend voorwerp worden ze onderwerp. Mensen die handelen. Door die geboorte doen zij er opeens wel  toe, en zo krijgen ze hun waardigheid terug.

Dat is precies wat het kerstverhaal ons vertellen wil: Dat wij ertoe doen. En onze redding is: dat we ons dat laten zeggen, en onze onverschilligheid, dat het onze tijd wel duren zal omdat wij er toch niets aan kunnen doen, van ons afschudden en onze verantwoordelijkheid nemen. Want het leven gaat zijn gang en heeft ons nodig. Er worden kinderen geboren – en die vragen om een toekomst. Vluchtelingen vragen om een thuis. Ook een dakloze is een mens en wil als mens gekend zijn. Ook die jongen en dat meisje die op school niet mee komen hebben hun talenten en willen dat er anderen zijn die hen helpen die te ontdekken en te ontwikkelen. Kinderen en kleinkinderen hebben ons nodig om wegwijs te worden in de complexe samenleving van vandaag.

De natuur is zo divers en zo ongelooflijk veelkleurig – en die rijkdom wil gezien en beschermd worden. Dus maakt het uit, hoe wij onze tijd indelen, ons werk doen, onze vrije tijd besteden, wat wij eten en drinken. Kortom hoe wij leven. Als wij ziek zijn – hoe wij onze ziekte dragen. Als wij doodgaan – hoe wij sterven.

Het kerstverhaal haalt ons uit de schaduw van de machten waar we ons zo vaak zo machteloos aan voelen overgeleverd – tijdsdruk, geld, winstbejag, efficiëntie – en geeft ons onze waardigheid terug.

Wij doen er toe! Dat is wat deze geboorte, iedere geboorte en het feit dat het leven onstuitbaar zijn gang gaat, ons te zeggen hebben.

Dat mag je inderdaad redding noemen.Ds. Adri Terlouw
reageren op deze column?: terlouwadri@gmail.com

Column – Van ophouden weten

Tijdens de ruim veertig jaar dat ik nu predikant ben, heb ik één keer een burn – out gehad. Al noemde je dat toen nog niet zo. Maar het had er alle kenmerken van. Met als belangrijkste dat er geen moment meer was dat ik niet met mijn werk bezig was. Als ik ’s maandags na een drukke werkdag met als afsluiting ’s avonds vijf catechesegroepen onder de douche stond, was ik alweer druk bezig met hoe ik volgende week met hen verder moest. Ik had er namelijk voor gekozen hun eigen levenservaring als leerstof te nemen. Dat was in die tijd helemaal nieuw en ik moest dus zelf gaandeweg uitvinden hoe je dat aanpakte. En dan was er ook nog al het andere werk dat die week op mij wachtte: pastorale gesprekken, godsdienstlessen op de openbare basisschool, vergaderingen, de redactie van het kerkblad en de zondagse preek.  Aan den lijve heb ik toen geleerd hoe belangrijk het is om tijd vrij te maken waarin ik niet met mijn werk bezig was. Van ophouden weten. Uit gesprekken met mijn kinderen en hun leeftijdsgenoten merk ik dat dit ook voor hen vaak moeilijk is. Ze zijn 24/7 bereikbaar. De mobiele telefoon gaat nooit uit. Dus blijven bijna 24/7 ook de zakelijke mails, whatapps en belletjes binnenkomen. En op den duur blijkt dat te veel. Een mens moet van ophouden weten. Sabbat durven nemen, noemt de Bijbel dat. ‘Zes dagen lang’, zo luidt één van de Tien Geboden, ‘kunt u werken en al uw arbeid verrichten, maar de zevende dag is een rustdag, die gewijd is aan de HEER, uw God; dan mag u niet werken’. Met andere woorden: gun je zelf de luxe van één dag in de week vakantie. Vakantie komt van het Latijnse werkwoord vacare, dat leeg zijn betekent. Sabbat van een Hebreeuwse werkwoordsvorm die ophouden betekent. Eigenlijk gaat het om de universele wijsheid dat we mensen zijn en geen goden die maar door kunnen zonder daarbij onderuit te gaan. En al waren we goden, zelfs de Eeuwige rust op de zevende dag, zegt één van de twee Bijbelse scheppingsverhalen.

Het sabbatsgebod gaat als volgt verder: “Dat geldt voor u, voor uw zonen en dochters, voor uw slaven en slavinnen, voor uw runderen, uw ezels en al uw andere dieren, en ook voor de vreemdelingen die bij u in de stad wonen; want uw slaaf en slavin moeten evengoed rusten als u’. Het heeft dus uitdrukkelijk ook een sociale kant. Het is zelfs niet in eerste instantie bedoeld voor de grootgrondbezitter, die heeft vrije tijd genoeg, maar om diegenen een vrije dag te bezorgen die op andere dagen misschien wel te hard moeten werken.

Denkend in dat spoor gaan Joodse priesters en wijzen later zelfs nog een stapje verder. In een bepaling die waarschijnlijk stamt uit de periode van de Babylonische ballingschap schrijven zij zelfs een sabbatsjaar voor. Eens in de zeven jaar moet Israël het land met rust laten en mag het niet ploegen, zaaien of oogsten, maar moet men leven van wat van vorige jaren is overgebleven en van wat spontaan groeit. Behalve een soort vakantiejaar voor mens en dier is het ook een soort ecologische maatregel. Niet alleen mensen en dieren, ook de akker mag niet uitgeput raken. Land is er niet alleen om bewerkt te worden, het is ook drager van een aantal andere waarden en die dienen gerespecteerd te worden.
In diezelfde tijd van de Babylonische ballingschap bedenken zij ook nog het jubeljaar, afgeleid van het Hebreeuwse kèren jobel, dat ramshoorn betekent. Aan het begin van dat jaar, dat elk vijftigste jaar plaatsvindt, wordt er op de ramshoorn geblazen en wordt een totale schuldkwijtschelding afgekondigd. Families die door de nood gedwongen in de voorafgaande negenenveertig jaar één of meerdere stukken grond hebben moeten verkopen en daarmee een deel van de economische basis van hun bestaan zijn kwijtgeraakt krijgen dat terug. Daarmee krijgt ieder weer een volwaardige uitgangspositie en worden de sociale verhoudingen in het land weer rechtgezet.

Zowel dat sabbatsjaar als dat jubeljaar zijn in letterlijke zin nooit gepraktiseerd. Zelfs als dat al zou dat wel zo zijn, dan nog zijn ze  onze tijd natuurlijk niet letterlijk in praktijk te brengen. Maar daarmee zijn het sabbatsgebod en zijn verdere uitwerkingen allerminst zinloos geworden. Ze vragen aandacht voor wat nog altijd uitermate relevant is . Werk heeft iets verslavends en net als toen werkt het economisch systeem nog altijd zo dat, als we niets doen, een kleine groep steeds rijker wordt ten koste van anderen die steeds verder achterop raken. Als we geen grenzen stellen ondergraaft dat niet alleen ons eigen welzijn maar de hele samenleving. Rust is in de Bijbel een heilig begrip dat ons wil motiveren obsessief workalcoholisme en ijskoud economisme in onszelf en in de maatschappij tegen te gaan.

Ds. Adri Terlouw
(reageren op deze column? ; terlouwadri@gmail.com )